Een ademautomaten set bestaat uit een 1e trap die middels een slang verbonden is met de 2e trap.
Bovendien kan de staat nog extra's bevatten, zoals een eventuele extra 2e trap (oktopus), drukmeten, console en computer.
1e trap
De 1e trap reduceert de flesdruk van 200 of 300 bar naar de middendruk die gemiddeld rond de 8 à 9 bar ligt.
2e trap
De 2e trap reduceert op zijn beurt deze middendruk naar de omgevingsdruk, waardoor je onafhankelijk van de diepte de juiste hoeveelheid lucht krijgt om je longen normaal te kunnen vullen.
Down-stream
De 2e trap kent twee uitvoeringen: de down-stream en de up-stream uitvoering. De meeste 2e trappen functioneren volgens het down-stream principe wat betekend dat de 2e trap met de druk mee opent.
Hierdoor gaat, indien er een storing optreed in de 1e trap waardoor de middendruk oploopt, de lucht via het mondstuk van de 2e trap (lees mond....) ontsnappen.
Up-stream
Een up-stream 2e trap opent tegen de druk in, door deze techniek zal de lucht in geval van een 1e trap storing niet via het mondstuk (dus NIET via je mond), maar via een overdruk ventiel in de slang ontsnappen, de 2e trap kan men hierbij dus gewoon blijven gebruiken.
Misverstanden over up-stream
De verhalen dat een up-stream automaat volledig zou blokkeren, zoals door bepaalde duikorganisaties beweerd wordt, is dan ook absolute onzin.
Het voordeel is juist dat je ZIET dat er een probleem ontstaat en je het niet VOELT in je mond door een "blazende automaat".
Afkomstig van: Poseidon Benelux


